U bent hier

Terugblik op het DHDRN symposium 2018

Op 9 november vond het Dutch Huntington Disease Research Network symposium (DHDRN) plaats. Het symposium bracht onderzoekers die zich bezighouden met Huntington vanuit de hele wereld samen. In het ochtendprogramma stonden de oorzaken en mechanismen van Huntington centraal. Het middagprogramma stond in het teken van therapie en klinische ontwikkelingen.

Incomplete splicing

Andreas Nueuder (Ulm University, Duitsland) hield een keynote over splicing (verandering van de RNA boodschap waardoor er een veranderd eiwit wordt gevormd). In zijn onderzoek heeft hij ontdekt wat de voorwaarden zijn voor incomplete splicing. Splicing vindt plaats binnen eiwitten. Bij de ziekte van Huntington zijn er problemen met splicing  in het huntingtine-eiwit, het eiwit dat de ziekte van Huntington veroorzaakt. De incomplete splicing zorgt voor meer productie van Exon1, een fragment van het huntingtine eiwit met de polyGlutamine mutatie dat veel sneller aggregeert en toxischer is voor cellen.. Beter inzicht in wanneer incomplete splicing ontstaat, is zinvolle kennis bij het ontwikkelen van een behandeling omdat deze dan ook deze splice variant van huntingtine moet aangrijpen.

Genomische stress

Wouter Huiting (UMCG) presenteerde onderzoek naar de rol van genomische stress bij Huntington. Genomische stress zijn de invloeden die de stabiliteit van de genen ontwricht. Eiwitklontering wordt gezien als de drijvende kracht achter neurodegeneratieve ziekten zoals Parkinson en Huntington. Een groot deel van de variatie binnen de ziekte is echter nog niet verklaard.  Daarom onderzochten zij het fenomeen van genenverlies. Daaruit bleek dat de genomische stress leidt tot snellere eiwitklontering bij Huntington.

Haarspeldvormige kernen

Patrick van der Wel (universiteit Groningen)vertelde over zijn onderzoek naar de moleculaire structuur en biologische activiteit van eiwitklonters (eiwitaggregaten). Het is vaak moeilijk om diepgaand onderzoek te doen in cellen. In dit onderzoek gebruikten de onderzoekers verschillende methoden om metingen in cellen te kunnen doen. Daarbij werd onderzoek gedaan naar Exon1, het huntingtine eiwitfragment die als meest schadelijk wordt gezien bij Huntington. Uit de metingen bleek dat Exon1 opeen stapelt met in het hart van die vezels een haarspeldvormige kern van polyglutamine. Huntington wordt veroorzaakt door een CAG repeat expansie in het DNA dat codeert voor het huntingtine eiwit, met als gevolg een lange polyglutamine keten in het huntingtine eiwit. Met dit onderzoek probeert Van der Wel de werking van degeneratie van cellen bij Huntington te duiden. Met beter inzicht in hoe de cellen werken kunnen we beter begrijpen welke delen met een behandeling aangepakt kunnen of moeten worden.

De proteasoom als ‘bad guy’ ontkracht

Het ochtendprogramma werd afgesloten door Sabine Krom (AMC) met een onderzoek naar proteasomen. Een proteasoom is een groot eiwitcomplex dat als belangrijkste functie heeft andere eiwitten, die overbodig of beschadigd zijn, af te breken. De rol van proteasomen bij de ziekte van Huntington is controversieel. In dit onderzoek werd het dogma van de proteasoom als bad guy ontkracht door aan te tonen dat proteasomen wel degelijk Huntingtine kunnen afbreken, en werkt gekeken hoe veranderingen in de proteasoomsamenstelling tot verbeterde afbraak zouden leiden.

Huntingtineverlagende behandelingen

Astrid Vallès (uniQure) trapte het middagprogramma af met een lezing over huntingtineverlagende modellen. Ze doet longitudeonderzoek met minivarkens. Ze presenteerde de resultaten na drie en zes maanden behandeling, waarbij de huntingtine niveau’s nog steeds lager waren in de hersenen. Pontus Klein (ProQR) deed onderzoek naar een behandeling die QRX-704 heet. Het doel van deze behandeling is om de giftigheid van Huntingtine te verminderen, maar wel de functies van Huntingtine te behouden.Dit doen ze door de vorming van toxische Exon1 fragmenten uit het huntingtine eiwit te verminderen.

De tweede keynote werd gegeven door Hoa Nguyen (universiteit Tübingen, Duitsland). Hij gaf een overzicht van studies die zich bezighouden met Huntingtonbehandelingen. In zijn onderzoek probeert hij na te gaan wat de beste omstandigheden zijn om de ziekte aan te pakken door te variëren met de manier, plek en tijd waarop boodschappen van cellen worden overgedragen die door de ziekte van Huntington worden verstoord. In zijn studie gebruikte hij ratten met Huntington. Hij deed verschillende test in verschillende stadia van de ziekte van Huntington en bekeek de veranderingen op het gebied van motoriek, buikvet, hersenvolume en eiwitniveaus.

Monitoring van Huntington

Masterstudent Elsa Kuijper besloot het middagprogramma met een vergelijkende studie tussen bloed en hersenen. Als het verloop van de ziekte gemonitord zou kunnen worden in het bloed zou dat helpen in het bepalen van een behandeling van Huntington.

Stimulation Grant

Naast de lezingen reikte de Vereniging van Huntington ook de Stimuleringsprijs uit van €25.000,-. De prijs ging naar Monique Mulder (LUMC) voor haar onderzoek naar verwerking/afvoer van schadelijke stoffen in de cel. De prijs voor de beste poster ging naar Suzanne Dekker (UMCG), die onderzoek doet naar de verstoring van het evenwicht in de cel door DNA-beschadiging.