U bent hier

'Kwaliteit van leven van de bewoners blijft voorop'

Door: HuntingtonNet op 
Like  1

Sanne de Gans en Jeanette Laterveer werken allebei als HBO-verpleegkundige bij Topaz Overduin. Ze werken niet op één afdeling maar ondersteunen alle afdelingen, waaronder enkele afdelingen voor mensen met de ziekte van Huntington. Hoe houden ze zich nu in de tweede coronagolf staande? 

We zijn nu veel meer mensen aan het testen. Gelukkig hebben we geen besmettingen gehad op de afdelingen voor mensen met de ziekte van Huntington. De regels zijn niet meer zo zwart-wit, en we hebben meer ruimte voor maatwerk. Wel is er meer ruis op de lijn en zijn de regels moeilijker op te volgen. Want wat mag nu precies wel en wat mag niet? Het is een grijs gebied. Mag een bewoner bijvoorbeeld met de familie mee naar huis of niet? Is dat veilig en hoe kunnen we dat dan borgen? En kan iemand naar de markt in de stad, wetende dat handhaving van 1,5 meter lastig is voor mensen met de ziekte van Huntington.

Flexibiliteit van zorgmedewerkers

Het toepassen van alle regels is af en toe een uitdaging. Want tegelijk met het handhaven van alle regels willen we ook de kwaliteit van leven waarborgen. De bewoners hebben op de afdeling de vrijheid, en op de afdeling vinden groepsactiviteiten plaats. Alleen de afdeling-overstijgende activiteiten kunnen nu niet of minder plaatsvinden. En als de bewoner in quarantaine moet wegens verdenking, wordt de bewoner verzocht op de kamer te blijven. 
Bijvoorbeeld bij een cliënt die rookt kijken we dan wat passend is als hij of zij bij klachten getest moet worden of besmet is geraakt. Dan zijn een rookrobot door het raam of een e-sigaret nog mogelijkheden, maar het vraagt voortdurend maatwerk, dus ook veel flexibiliteit van de zorgmedewerkers. 

Persoonsgerichte zorg 

Wat we meenemen uit de eerste golf is dat we nu zekerder zijn van onszelf, van verzorgenden en ondersteunend verpleegkundigen en teamleiders tot bewoners en familie. We weten nu beter wat we kunnen verwachten. We kunnen pas op de plaats maken om te kijken wat er nodig is voor de bewoners en de familie. In plaats van handelen vanuit niet-weten zoals tijdens de eerste golf. We zijn het anders gaan doen: volgens protocol, en goed kijken naar het individu in plaats van een algehele lockdown. Er is meer mogelijk, dat is erg fijn voor iedereen. En we kunnen zo meer persoonsgerichte zorg leveren.

Ook is er ten opzichte van de eerste golf nu meer berusting. We hebben meer standaardisering in processen. De eerste golf overviel ons en moesten we alles bedenken. Nu ontwikkelen we ons vlot en alles wat we leren, nemen we mee. Er is minder toelichting nodig, we toetsen vooral op ‘heb ik alles gedaan?’ 

Veiligheid én welzijn op eerste plaats

Wat wel lastig is: hoe lang gaat het nog duren en moeten we inleveren? En kunnen we niet voluit de dingen doen die we willen doen? Dat valt het personeel en alle betrokkenen steeds zwaarder. Veiligheid staat op de eerste plaats, maar welzijn staat daar ook. Maar die twee gaan niet altijd samen. Voor mensen met de ziekte van Huntington betekent welzijn nabijheid en contact, nabijheid brengt verbondenheid. Mag ik mijn familie zien, mag ik naar die activiteit, heb ik die vrijheden nog? Er wordt voor hen gekozen, dat is heel ingrijpend. 

Een vaste structuur en dagritme zijn belangrijk voor deze doelgroep. We blijven dus goed naar de processen kijken en maatwerk bieden. Bij elke individuele cliënt kijken we weer wat mogelijk is. De kwaliteit van leven van de bewoners blijft voorop.

afbeelding van HuntingtonNet

HuntingtonNet